Jump to content

Vanmiddag geruime tijd een niet nader te noemen forumlid aan de telefoon gehad. Hoe we nu uiteindelijk op deze vraag kwamen weet ik niet precies meer maar aangezien hij GEEN Pan rijdt zou het best eens zo gegaan kunnen zijn dat hij meer gereedschap mee wilde kunnen nemen. :-)

 

Een aanhanger achter de motor mag, maar zijn daar regels voor ? En zo ja welke !

 

Zonder de illusie te hebben compleet te zijn, is dit wat ik tot nu toe heb kunnen vinden.

 

Afdeling 15. Aanhangwagens achter motorfietsen of bromfietsen

 

Artikel 5.15.0

Een aanhangwagen achter een motorfiets of bromfiets moet voldoen aan de in deze afdeling opgenomen eisen en wordt beoordeeld volgens de bijbehorende wijze van keuren, waarbij in voorkomend geval bijlage VIII van toepassing is.

 

§ 1. Algemene bouwwijze van het voertuig

 

Artikel 5.15.2

1. Aanhangwagens mogen slechts éénassig zijn.

2. Bij éénwielige aanhangwagens moet het wiel zodanig zijn bevestigd dat het uitsluitend draaibaar is om de eigen horizontale as.

 

Artikel 5.15.3

De langs- en dwarsliggers en chassisversterkingsdelen van het chassisraam, dan wel de daarvoor in de plaats tredende delen van de mee- of zelfdragende carrosserie van aanhangwagens mogen

a. geen breuken of scheuren vertonen, en

b. niet zodanig zijn bevestigd, vervormd of door corrosie aangetast, dat de stijfheid en de sterkte van het chassisraam of van de mee- of zelfdragende carrosserie in gevaar worden gebracht.

 

Artikel 5.15.4

1. De bovenbouw van aanhangwagens moet deugdelijk op het onderstel zijn bevestigd.

2. De ondersteuning van de laadvloer onderscheidenlijk laadruimte moet deugdelijk zijn.

 

Artikel 5.15.5

1. De accu van aanhangwagens, indien aanwezig, moet deugdelijk zijn bevestigd.

2. De elektrische bedrading van aanhangwagens moet deugdelijk zijn bevestigd en goed zijn geïsoleerd.

 

§ 2. Afmetingen en massa’s

 

Artikel 5.15.6

1. Aanhangwagens mogen:

a. niet breder zijn dan 2,00 m

b. niet hoger zijn dan 1,00 m. In geval van twijfel wordt gemeten, waarbij artikel 5.1a.1 van toepassing is.

2. In afwijking van het eerste lid, onderdeel a, mogen aanhangwagens achter een bromfiets op twee wielen niet breder zijn dan 1,00 m.

 

§ 5. Assen

Artikel 5.15.18

1. De as van aanhangwagens moet deugdelijk aan het voertuig zijn bevestigd en mag geen breuken of scheuren vertonen.

2. De as mag niet zodanig zijn vervormd dat de sterkte ervan in gevaar wordt gebracht.

3. De as magen niet zodanig zijn beschadigd of vervormd dat het weggedrag nadelig wordt beïnvloed.

4. De as mag niet zodanig door corrosie zijn aangetast, dat de sterkte ervan in gevaar wordt gebracht. Hieraan wordt voor wat betreft wielgeleidingselementen voldaan indien deze niet zijn doorgeroest. Indien een wielgeleidingselement is doorgeroest mag deze niet zijn gerepareerd.

 

Artikel 5.15.20

1. De wiellagers van aanhangwagens mogen niet teveel speling vertonen. Hierbij is het bepaalde in bijlage VIII, artikel 49, van toepassing. Visuele controle. De speling wordt op de juiste wijze zichtbaar gemaakt. In geval van twijfel wordt de speling gemeten met een geschikt meetmiddel.

2. Verschijnselen van slijtage of beschadiging mogen niet hoorbaar of voelbaar zijn. Visuele en auditieve controle, waarbij het wiel wordt rondgedraaid, al dan niet met behulp van apparatuur.

 

Artikel 5.15.24

1. De wielen, alsmede de onderdelen daarvan, van aanhangwagens mogen geen breuken, scheuren, ondeugdelijk laswerk, ernstige corrosie of ernstige vervorming vertonen. Onderdelen mogen niet loszitten of ontbreken.

2. De wielen onderscheidenlijk velgen moeten met alle daarvoor bestemde bevestigingsmiddelen deugdelijk zijn bevestigd.

 

§ 6. Ophanging

 

Artikel 5.15.27

1. De banden mogen geen beschadigingen vertonen waarbij het karkas zichtbaar is.

2. De banden mogen geen uitstulpingen vertonen.

3. De banden van aanhangwagens mogen niet zijn nageprofileerd. Van naprofileren is sprake indien slijtage-indicatoren zijn weggesneden, indien de profielvorm van de groef afwijkt van de originele profielvorm, of indien in de bodem van de groef het karkas van de band zichtbaar is.

4. Het loopvlak van de banden mag geen metalen elementen bevatten die tijdens het rijden daarbuiten kunnen uitsteken.

5. De op de band aangegeven draairichting moet overeenkomen met de draairichting van de band in voorwaartse rijrichting van de aanhangwagen.

6. Over de gehele omtrek en breedte van het loopvlak van de banden moet profilering aanwezig zijn

7. De banden op één as moeten dezelfde maataanduiding hebben.

 

§ 9. Carrosserie

Artikel 5.15.41

De sloten en de scharnieren van de deuren en laadbakkleppen van aanhangwagens moeten een goede sluiting waarborgen. Visuele controle, waarbij de deuren en laadbakkleppen worden geopend en gesloten.

 

Artikel 5.15.48

1. Aanhangwagens mogen geen scherpe delen hebben die in geval van botsing gevaar voor lichamelijk letsel voor andere weggebruikers kunnen opleveren.

2. Onverminderd het bepaalde in het eerste lid moeten uitstekende delen van aanhangwagens, die in geval van botsing het gevaar voor lichamelijk letsel voor andere weggebruikers aanzienlijk kunnen vergroten, zijn afgeschermd.

3. De wielen onderscheidenlijk banden van aanhangwagens moeten goed zijn afgeschermd en mogen niet aanlopen.

4. Geen deel van de buitenzijde van de aanhangwagen mag zodanig zijn bevestigd, beschadigd, versleten of door corrosie zijn aangetast, dat gevaar bestaat voor losraken.

 

Artikel 5.15.50

Aanhangwagens moeten aan de achterzijde zijn voorzien van een mogelijkheid tot bevestiging van een kentekenplaat.

 

§ 10. Lichten, lichtsignalen en retroreflecterende voorzieningen

 

Artikel 5.15.51

1. Aanhangwagens achter een motorfiets moeten zijn voorzien van:

a. twee richtingaanwijzers aan de achterzijde van het voertuig, dan wel één richtingaanwijzer aan elke zijkant van het voertuig, indien de trekkende motorfiets van richtingaanwijzers is voorzien;

b. één of twee achterlichten;

c. één of twee remlichten, indien de trekkende motorfiets van een remlicht is voorzien;

d. achterkentekenplaatverlichting;

e. één of twee rode retroreflectoren aan de achterzijde van het voertuig;

f. ten minste één ambergele retroreflector aan elke zijkant van het voertuig.

2. Aanhangwagens achter een bromfiets moeten zijn voorzien van:

a. één of twee achterlichten;

b. twee rode retroreflectoren aan de achterzijde van het voertuig;

c. ten minste één ambergele retroreflector aan elke zijkant van het voertuig, en

d. achterkentekenplaatverlichting.

 

Artikel 5.15.53

1. De richtingaanwijzers mogen niet anders dan ambergeel stralen.

2. De achterlichten en de remlichten mogen niet anders dan rood stralen.

3. De achterkentekenplaatverlichting mag niet anders dan wit stralen en mag niet naar achteren stralen.

 

Artikel 5.15.54

1. De richtingaanwijzers moeten zijn aangebracht:

a. aan de uiterste zijden van het voertuig en op een onderlinge afstand, gemeten tussen de binnenranden van het lichtdoorlatende gedeelte, van niet minder dan 0,24 m, en

b. op een hoogte van niet minder dan 0,25 m boven het wegdek.

De lichten moeten zodanig zijn aangebracht dat zij waarneembaar zijn voor een waarnemer die zich in het mediaanvlak van het voertuig bevindt op een afstand van 10 m achter het voertuig.

2. De achterlichten moeten aan de achterzijde van het voertuig zijn aangebracht op een hoogte van niet minder dan 0,25 m boven het wegdek.

3. Het remlicht of de remlichten moeten aan de achterzijde van het voertuig zijn aangebracht op een hoogte van niet minder dan 0,25 m boven het wegdek. Indien één licht is aangebracht, is dit in het midden of links van het midden van het voertuig zijn geplaatst.

4. De rode retroreflectoren moeten zijn aangebracht aan de uiterste zijden van het voertuig op een hoogte van niet minder dan 0,25 m boven het wegdek.

5. De in artikel 5.15.51 bedoelde ambergele retroreflectoren moeten zijn aangebracht aan elke zijkant op een hoogte van niet minder dan 0,30 m en niet meer dan 0,90 m boven het wegdek. Ten minste één retroreflector moet zich bevinden in het middelste derde gedeelte van de aanhangwagen met inbegrip van de dissel.

 

Artikel 5.15.55

1. De in artikel 5.15.51 bedoelde lichten moeten goed werken. Indien een licht wordt gevormd door meerdere lichtbronnen mag door defecte lichtbronnen het oorspronkelijk lichtoppervlak met niet meer dan 25% afnemen.

2. De lichtarmaturen en de onderdelen daarvan moeten deugdelijk aan het voertuig zijn bevestigd.

3. De glazen van de lichtarmaturen mogen niet zodanig zijn bevestigd, gerepareerd of bewerkt dat de lichtopbrengst en het lichtbeeld dan wel de functie nadelig worden beïnvloed.

4. Lichten met dezelfde functie moeten nagenoeg van gelijke grootte, gelijke kleur en gelijke sterkte zijn. Lichten en retroreflecterende voorzieningen met dezelfde functie moeten nagenoeg symmetrisch links en rechts van het midden van het voertuig zijn bevestigd.

5. De in artikel 5.15.51 bedoelde lichten en retroreflectoren voorzover het het lichtdoorlatend gedeelte betreft mogen ten hoogste 25% zijn afgeschermd.

6. De in artikel 5.15.51 bedoelde retroreflectoren mogen geen gebreken vertonen, die de retroreflectie beïnvloeden.

 

Artikel 5.15.57

1. Aanhangwagens achter een motorfiets mogen zijn voorzien van:

a. één mistachterlicht;

b. één of twee witte retroreflectoren aan de voorzijde van het voertuig, en

c. werklichten.

2. Aanhangwagens achter een bromfiets mogen zijn voorzien van:

a. twee richtingaanwijzers aan de achterzijde van het voertuig, dan wel één richtingaanwijzer aan elke zijkant van het voertuig;

b. één of twee remlichten, en

c. één of twee witte retroreflectoren aan de voorzijde van het voertuig.

3. Aanhangwagens achter motorfietsen en bromfietsen mogen zijn voorzien van :

a. extra witte retroreflecterende voorzieningen aan de voorzijde,

b. extra rode retroreflecterende voorzieningen aan de achterzijde, en

c. extra retroreflecterende voorzieningen aan de zijkanten van het voertuig, welke ambergeel moeten zijn, met uitzondering van de achterste zijreflector, welke rood mag zijn.

 

Artikel 5.15.59

1. De richtingaanwijzers mogen niet anders dan ambergeel stralen.

2. De remlichten en het mistachterlicht mogen niet anders dan rood stralen.

 

Artikel 5.15.59a

1. De in artikel 5.15.57 bedoelde lichtarmaturen en de onderdelen daarvan moeten deugdelijk aan het voertuig zijn bevestigd.

2. De glazen van de lichtarmaturen mogen niet zodanig zijn beschadigd, gerepareerd of bewerkt dat de lichtopbrengst en het lichtbeeld dan wel de functie nadelig worden beïnvloed.

3. Lichten met dezelfde functie moeten nagenoeg van gelijke grootte, gelijke kleur en gelijke sterkte zijn. Lichten en retroreflecterende voorzieningen met dezelfde functie moeten nagenoeg symmetrisch links en rechts van het midden van het voertuig zijn bevestigd. Visuele controle, waarbij de desbetreffende lichten worden ingeschakeld.

 

Artikel 5.15.60

1. De richtingaanwijzers moeten zijn aangebracht:

a. aan de uiterste zijden van het voertuig en op een onderlinge afstand, gemeten tussen de binnenranden van het lichtdoorlatende gedeelte, van niet minder dan 0,24 m, en

b. op een hoogte van niet minder dan 0,25 m boven het wegdek.

De lichten moeten zodanig zijn aangebracht dat zij waarneembaar zijn voor een waarnemer die zich in het mediaanvlak van het voertuig bevindt op een afstand van 10 m achter het voertuig.

2. Het mistachterlicht moet zijn aangebracht op een hoogte van niet minder dan 0,25 m boven het wegdek, links van het midden van het voertuig op een afstand van niet minder dan 0,10 m van het remlicht.

3. Het remlicht of de remlichten moeten aan de achterzijde van het voertuig zijn aangebracht op een hoogte van niet minder dan 0,25 m boven het wegdek. Indien één licht is aangebracht, moet dit in het midden of links van het midden van het voertuig zijn geplaatst.

 

Artikel 5.15.64

Aanhangwagens mogen, met uitzondering van de richtingaanwijzers, niet zijn voorzien van knipperende lichten.

 

Artikel 5.15.65

1. Aanhangwagens mogen, onverminderd het in artikel 30 van het RVV 1990 bepaalde inzake zwaai-, flits- en knipperlichten, niet zijn voorzien van meer lichten en retroreflecterende voorzieningen dan in de artikelen 5.15.51 en 5.15.57 is voorgeschreven of toegestaan.

Visuele controle. Indien lichtarmaturen aanwezig zijn die niet zijn voorgeschreven dan wel toegestaan, mogen de lichten hiervan niet werken.

2. Aanhangwagens mogen niet zijn voorzien van lichtarmaturen voor blauwe zwaai-, flits- of knipperlichten.

 

§ 11. Verbinding tussen motorfiets of bromfiets en aanhangwagen

Artikel 5.15.66

1. De koppeling onderscheidenlijk de dissel van aanhangwagens moet deugdelijk zijn bevestigd en mag niet zijn doorgeroest.

2. De voor de overbrenging van de krachten noodzakelijke onderdelen van de koppeling onderscheidenlijk de dissel mogen niet gescheurd, ernstig vervormd, gebroken dan wel overmatig gesleten zijn.

 

Artikel 5.15.67

Indien de aanhangwagen is voorzien van een kogelkoppeling,

a. moet de sluit- en borginrichting goed functioneren, en

b. mogen de onderdelen niet zijn vervormd.

 

Artikel 5.15.70

De koppeling van aanhangwagens met één wiel mag slechts bewegingen toelaten om een horizontale en een verticale as, loodrecht op de lengte-as van het trekkend motorvoertuig.

 

De koppeling van aanhangwagens met meer dan één wiel moet bovendien bewegingen om een as in de lengterichting van het trekkend motorvoertuig toelaten.

 

 

Als gereedschap inderdaad de reden is geweest, is het overstappen naar een Pan wellicht een eenvoudiger oplossing.;)

 

:ugeek:

Featured Replies

Ja, het mag, mits uiteraard aan alle eisen wordt voldaan.

Maar ik zie er toch elk seizoen wel een paar (meestal GW's) dus dat het toegestaan is mocht al bekend zijn.

Werd door No Nick ook al gesteld. Die vroeg ook niet òf het mocht, maar wat de regels waren.

 

Verstuurd vanaf mijn GT-I9195 met Tapatalk

Wat ook niet geheel onbelangrijk is de snelheid waarmee je met een aanhanger mag rijden.

 

Snelweg:

Nederland: 90 km/h

Belgie: 120 km/h

Frankrijk: 130 km/h

Duitsland, Zwitserland [snelweg, ik zet het er maar bij] 60 km/h

Een goldwing kan alles aan.

 

 

http://i48.tinypic.com/35mlba0.jpg

 

 

Vermoedelijk iets meer dan 2,50m vanaf de achteras.

http://www.mcharen.nl/image/aanhanger6.jpg

Lengte 2,50 mtr

 

http://www.mcharen.nl/image/aanhanger7.jpg

 

 

 

Regel en Wetgeving

 

Lengte 2,50 mtr. Gemeten vanaf de as van het achterwiel van de motor, incl. uitstekende delen zoals, achterlichten, bumpers, spoilers , enz

Breedte 1 mtr. Incl uitstekende delen zoals zijlichten, bumpers.

 

Hoogte 1 mtr. Incl. uitstekende delen zoals imperiaal, spoilers.

 

Gewicht het totale gewicht van de aanhanger, incl. bagage, mag niet zwaarder zijn als de helft van het gewicht van de motor.

 

Verlichting 1 of 2 achterlichten Rood reflecterend, 1 of 2 remlichten rood reflecteren, 2 richtingaanwijzers, oranje reflecteren, 2 niet driehoekige rood reflecteren aan achterzijde van de aanhanger, 2 oranje reflecterende aan beiden zijde van de aanhanger.

 

 

Kogelkoppeling.

Een draaibare kogelkoppeling is voor motoren niet verplicht, maar wel aan te raden i.v.m. de veiligheid als de aanhanger omvalt.

Ondeelbaar als in wat? Als het maar binnen de 2,5 meter valt moet er veel kunnen.

 

Zo ken ik een foto van een onderstel van enkel een plank waarmee bierkratten op werd vervoert. Ik zal eens zoeken of ik die foto vinden kan.

Driehoekig bord is er nooit geweest, wel een wit vierkant met diagonale rode strepen van 40 x 40 cm.

En dat moet gevoerd worden bij lading die meer als een meter uitsteekt. Of een lanwerpig wit bord met diagonale rode strepen 40 x 20 bij lading die meer als 10 maar max. 20 cm uitsteekt buiten de breedte van het voertuig.

Maar, in lengte ondeelbare lading mag bij een voertuig tegenwoordig niet méér uitsteken als 1 meter vanaf het achterste of voorste punt, dus dat bord kan in dat geval komen te vervallen. Tenzij het een aanhangwagen of oplegger betreft, dan is het 0,5 x de lengte van het voertuig (dus de aanhanger, niet de combinatie en lengte gemeten vanaf de koppeling tot uiterste punt asn achtzijde), gemeten vanaf het midden van de achterste as, met een maximum van 5 meter.

In dat geval kàn de lading dus meer uitsteken als 1 meter en moet dat bord gevoerd worden.

Met de max. afmetingen van de aanhangwagen van een motorfiets, kom je dus nooit aan die meter uitsteek aan de achterzijde.

 

Overigens nog even een aanvulling op de maten van een aanhanger achter een motorfiets;

Totaal toegestane massa mag maximaal de helft bedragen van de ledige massa van het trekkende voertuig. Da's bij een Pan dus grofweg zo'n 150 kg....

 

En met een zijspan mag je geen aanhangwagen voortbewegen, tenzij het wiel van de zijspanwagen beremd is.

 

 

Verstuurd vanaf mijn GT-I9195 met Tapatalk

Die met het krat bier is nog niet gevonden maar een kar waar ook oma in mee kan wel.

 

[ATTACH]1577[/ATTACH]

[ATTACH]1603[/ATTACH]

Join the conversation

You can post now and register later. If you have an account, sign in now to post with your account.

Guest
Reply to this topic...

Important Information

koekje ? wel twee handen aan het stuur We have placed cookies on your device to help make this website better. You can adjust your cookie settings, otherwise we'll assume you're okay to continue.

Configure browser push notifications

Chrome (Android)
  1. Tap the lock icon next to the address bar.
  2. Tap Permissions → Notifications.
  3. Adjust your preference.
Chrome (Desktop)
  1. Click the padlock icon in the address bar.
  2. Select Site settings.
  3. Find Notifications and adjust your preference.